Mijnwerkerspad Predoi/Prettau
In het voetspoor van mijnwerkers: een educatief pad dat vanaf de St. Ignaz-mijngang (1500 m) omhoog loopt naar de berg Croce della Val Rossa/Rötkreuz (2080 m) - langs mijnschachtopeningen en de vervallen resten van vroegere mijninstallaties.
De aan de rechterkant van het pad de berg in voerende St. Georg-mijngang werd kort na 1528 gegraven. Bij de 'Jakober Stuben', dat zijn de vervallen overblijfselen van de vroegere mijninstallaties bij de schachtopening van de St. Jakob-mijngang, begint het bovenste mijngebied. Hier werd het erts ooit ontdekt, hier kwam het erts boven de grond en hier begon ook de mijnbouw in de 15e eeuw. De bovenste mijngang is genoemd naar St. Wilhelm. Het was een ware 'goudmijn", in die zin dat er koper werd aangetroffen dat daarna werd geëxploiteerd. Het ruige, romantisch gegroefde landschap tussen de 'Jakober Stuben' en de St. Wilhelm-mijngang is niet op natuurlijke wijze ontstaan, maar kunstmatig gevormd. Het ontstond toen in de 18e eeuw het erts dat niet meer met dagbouw bereikbaar was, met gebruikmaking van buskruit aan de oppervlakte gebracht werd. Het educatieve pad eindigt bij Croca della Val Rossa (2080 m boven zeeniveau).
Route
Van de St. Ignaz-mijngang (1500 m) naar Croce della Val Rossa (2080 m) - langs mijnschachtopeningen, vervallen resten van de vroegere mijninstallaties.
| Vertrekpunt | kopermijn Predoi |
| Duur | 2:00 h |
| Hoogstgelegen punt | 2080 m |
| Hoogteverschil | 580 m |
| Moeilijkheidsgraad |
gemiddeld
|